Maak kennis met: Henk van Polen

‘Hij geeft me wat ik nodig heb, elke dag.’

Henk van Polen (1929) Ik ben geboren op een boerderij in Nijkerkerveen en leerde mijn vrouw Willy kennen toen we beide 16 jaar waren. Samen met mijn broer hield ik de
boerderij draaiende want mijn moeder was plotseling weduwe geworden. Op mijn 18e moest ik in militaire dienst naar Indonesië en kwam als bijna 21 jarige terug, eigenlijk nog een snotneus. Ik heb daar te veel meegemaakt om te vertellen en ‘nazorg’ bestond helemaal niet; we kregen 200 gulden, ‘een schop onder onze kont’ en het Rijk heeft nooit meer naar ons omgekeken. Alsof er niets gebeurd was. Maar met mijn kameraden van toen heb ik  altijd contact gehouden, wij begrepen elkaar en daar hadden we veel aan. Ik ben altijd bezig geweest, werkte in de smederij, in een ijzerwaren zaak, ging op pad om machines te slijpen en te installeren en hield jarenlang een aantal tuinen bij. Op ons 24e zijn we getrouwd en in Lunteren komen wonen. Op een ochtend gingen we naar de Kapel, waar de Maranathagemeente was begonnen samen te komen. Na die eerste ochtend zei ik tegen koster Vliem; “zeg maar tegen Dominee Swets dat ‘ie er twee leden bij heeft want wij blijven”. Diezelfde week kwam de dominee bij ons op bezoek.

Is de MK veranderd?
Laat ik eerst stellen dat we rekening moeten houden met de jeugd! Want als ik er niet meer ben, hebben we een hele nieuwe generatie, dus het is geen commentaar. Maar wat mijzelf betreft gaat het me allemaal te snel. Het nieuwe liedboek, daar heb ik niet veel mee, evenals al die verschillende muziek. Ik houd heel erg van kerkorgelmuziek en de psalmen en gezangen die we vroeger zongen. Jan Hendrik van Schothorst en Bert Elbertsen…als die achter het kerkorgel zaten! Dat hoorde ik al vóór we in de kerkbank zaten, wat kon ik dáár toch van genieten!

Hoe was u betrokken bij de MK?
Lang geleden heb ik met koster Jan van Geresteijn de tuin van de kerk en de pastorie opgezet en vervolgens vele jaren op dinsdag- en vrijdagochtend bijgehouden. Ik ging altijd met liefde en plezier aan het werk. Het gaf me veel voldoening en het koffiedrinken samen met andere vrijwilligers was altijd gezellig. Ik hielp met het organiseren van de bazar, en het laden en lossen van de vrachtwagens met hulpgoederen voor Roemenië en Polen. Ik was er gewoon en hielp waar ze me nodig hadden, ja, dat waren mooie jaren.

U bent 67 jaar getrouwd, wat verbindt u en hebt u een tip voor jonge stellen? Door de trouwbelofte die je naar elkaar doet ben je in trouw verbonden. Je moet ook soms je mond dichthouden, want discussies hebben geen einde. Wees tevreden. Tegenwoordig wil men alles direct en compleet hebben, maar wij hebben vroeger alles door hard werken bij elkaar gekregen. Halverwege ons zestigste kregen we meer vrijheid en genoten erg van uitjes en vakanties, vaak samen met anderen. Nu missen we die dingen, we zijn beide heel ziek geweest en hebben genoeg aan onszelf. Door de corona kan er ook niet veel meer.

Aan welke gebeurtenis denkt u liever niet terug?

Mijn vader werd op zijn 39e door één klap van een paard doodgeslagen. Mijn moeder bleef met zeven kinderen achter en mijn broer en ik moesten de boerderij draaiende houden. Toen mijn moeder net 80 was, kwam ze onder een auto en overleed. Iedereen was op vakantie en we moesten hals over kop naar huis. Mijn zwager is ook verongelukt. Ja, we hebben zat meegemaakt, er zijn al zoveel kennissen en vrienden weg, dat krijg je als je oud bent. Ik heb nog wat broers en zussen, we kunnen nu niet meer naar elkaar toe maar bellen elkaar geregeld. En gelukkig hebben we twee heel trouwe dochters, die regelen veel en helpen met alles.

Van wie hebt u veel geleerd?
Het meeste heb ik zelf moeten doen. Ik heb nooit cursussen gevolgd, maar gaf mijn ogen goed de kost en was niet te beroerd om te luisteren en het mij zelf zo aan te leren. Aan werken gaat geen mens dood.

Wat hoopt en verwacht u voor de toekomst voor de MK?
Doordat ik veel bij de kerk werkte, zag en hoorde ik veel. We hebben een hele hoop armoe gehad en daar heb ik veel last van gehad, maar gelukkig is dat voorbij! Ik hoop dat de Gemeente mag blijven groeien. Op een van de inloopochtenden ben ik op mijn scootmobiel
naar de kerk gereden en maakte kennis met de nieuwe dominee. We volgen alle diensten thuis, dus hoorden zijn preken natuurlijk al wel. Hij is kort van draad maar weet goed wat hij zegt.

Wat betekent Pinksteren voor u en wie bent u voor God?
Thuis werd gebeden en gelezen, maar er werd verder niet over gesproken, daar was geen tijd voor, dat was vroeger nu eenmaal zo. We gingen altijd naar de kerk, we waren er gewoon. Ik ben niet zo Bijbelvast en je zult het in m’n dagelijks leven niet zo aan me merken, maar van binnen is het mij genoeg. Ik heb God nodig, ik kan geen dag zonder Hem en Hij geeft me wat ik nodig heb. Als Papa morgenvroeg zegt; ‘Henk je moet komen’, dan ben ik er, dan mag Hij me meenemen. Ik ben tevreden en dankbaar, maar het hoeft voor mij niet meer, al hoop ik dat ik nog blijf leven zolang mijn vrouw er nog is.

Welk lied zou u op willen geven om in de dienst te zingen?
Ik heb er zat! Geregeld komt er een lied in me voorbij, dat is ook het mooie dat je vroeger alles uit je hoofd moest leren, daar heb ik nu nog plezier aan! Vaste Rots van mijn behoud…Daar ruist langs de wolken…Het hijgend hert der jacht ontkomen… Abba Vader…Ik zie een poort wijd open staan…

Janneke van de Kaa